Artikelindex

 

 

 

Van veertien naar vijfentwintig graden

Tot rond 1751 telde het stelsel van Schotse graden, dat Loge de Perfection heette, veertien graden. Al deze graden hadden betrekking op de bouw van de tempel van Salomo.

Na 1751 werden aan het stelsel elf graden toegevoegd, aan welke voor een deel de bouw van de tweede tempel onder leiding van bouwmeester Zerubabel ten grondslag lag. Dit stelsel begon met de 15e graad, van ridder van het oosten of de degen en eindigden met de 24e graad, ridder kadosh en de 25e graad, prins van het koninklijk geheim.

Het totaal van deze vijfentwintig graden werd samengevat onder de naam Rite de Perfection.

In 1762 werd een ‘soevereine grote raad van de 25e graad’ gesticht, met een grootsecretaris en onder-secretarissen in Bordeaux en Parijs. Uit hetzelfde jaar dateren de zogenaamde ‘constituties van l762’, waarin de statuten en de reglementen van de Rite de Perfection werden vastgesteld.

In augustus van het jaar daarvoor, 1761, was door een raad van sublieme prinsen te Parijs aan broeder Etienne Morin in Bordeaux een patent uitgereikt, waarin hij werd gemachtigd om als grootinspecteur de sublieme graden van de vrijmetselarij te verspreiden in Amerika.

Broeder Morin was waarschijnlijk een wijnkoopman die relaties onderhield met de Franse overzeese gebieden op het westelijk halfrond. Hij belandde na enige omzwervingen in 1763 op Santo Domingo in West-Indië, waar hij in 1764 de loge La Parfaite Harmonie stichtte in Port-au-Prince, de huidige hoofdstad van Haïti.